
Wat gebeurt er als je blijft zoeken naar nieuwe manieren om dingen te begrijpen? Voor Jeske Fricker is dat de kern van hoe ze werkt. Ze zit in het tweede jaar van de master Kunsteducatie bij ArtEZ en werkt als docent muzische agogiek en kunstenaar-onderzoeker bij het lectoraat GGZ en Samenleving op Windesheim. Daarnaast staat ze als invalleerkracht voor een basisschoolklas, maakt ze houten speelgoed en componeert ze muziek.
Alles wat ze doet draait om uitvinden: verbanden leggen tussen disciplines, nieuwe vormen proberen en blijven onderzoeken wat er nog meer mogelijk is.
Als invalleerkracht staat Jeske regelmatig voor kleuterklassen. Daar ziet ze iets wat volgens haar vaak verloren gaat als we ouder worden. “Voor kleuters is niets vanzelfsprekend, ze bevragen alles. Ze doen echt niet zomaar iets omdat het zo hoort.” In de klas uit zich dat in simpele, maar fundamentele vragen. “Wat gebeurt er met deze dag als hij voorbij is? Waar gaat hij dan naartoe? Kleuters zullen altijd doorvragen. Waarom, waarom, waarom.”
Volgens Jeske zit daar een belangrijke les in, ook voor professionals en organisaties. “Veel volwassenen nemen dingen voor lief of denken dat ze zijn uitgeleerd. Dat benauwt me soms.” Kleuters doen het tegenovergestelde. “Die zijn constant op zoek naar de grenzen van wat er mogelijk is.”
Die onbevangenheid en het vermogen om te blijven onderzoeken raken later vaak op de achtergrond. Juist daarom zet Jeske kunsteducatie in om die manier van kijken terug te brengen en de complexiteit van de wereld blijvend te onderzoeken.
Die onderzoekende houding zie je ook terug in haar houten speelgoed. Dat begon bij haar opa, die docent houtbewerking was. “Als kind was ik daar altijd al gefascineerd door.”
Jeske ging zelf aan de slag om het materiaal te leren kennen. “Soms wil ik iets op een bepaalde manier maken, maar werkt het hout niet mee. Het splijt of breekt. Dan moet ik mijn plan loslaten en opnieuw kijken: wat vraagt dit materiaal eigenlijk van mij? Op zulke momenten word je gedwongen om anders te denken en nieuwe oplossingen te zoeken.”
Ze ontwikkelde onder andere een serie houten tollen. “Ik wilde iets maken waarin verschillende disciplines samenkomen.” Met die tollen werk je aan fijne motoriek, maar er zit meer achter. “Als je meerdere kleuren op een tol schildert en hem laat draaien, mengen die kleuren optisch. Zo kun je spelenderwijs iets leren over de elementaire kleurenleer.”
Ze koppelt dat aan muziektheorie. “De structuur van de kleurencirkel en muzikale systemen, zoals de kwintencirkel, lijken op elkaar. Als je die over elkaar heen legt, zie je verbanden tussen kleuren en tonen.” De tollen kunnen daardoor worden ingezet tijdens muziekimprovisatie of -compositie. “Voor mij is het een vorm van kunst om dat zo eenvoudig mogelijk invoelbaar te maken voor anderen.” Houten speelgoed leent zich daar volgens haar goed voor. “Het heeft een soort eenvoud. En juist daarin zit de kracht.”
Jeske werkt als docent en kunstenaar-onderzoeker bij Windesheim en doet daarnaast haar afstudeeronderzoek binnen het Teachers College. Daar werkt ze met studenten en betrokkenen aan een herkenbare vraag voor veel organisaties: wat doe je als er van alles speelt, maar het gesprek daarover uitblijft?
“In veel situaties voel je dat er spanning is, maar wordt de dialoog daarover niet aangegaan.” In plaats van alleen de feitelijke inhoud van gesprekken te analyseren, kiest ze voor een andere aanpak. “We schrijven bijvoorbeeld een open-ended sprookje dat de situatie verbeeldt en leggen dat voor aan betrokkenen met de vraag daarop te reageren.” De reacties daarop mogen alle vormen aannemen. “Sommigen reageren in woorden, anderen in beeld.” Die reacties vormen samen nieuwe input voor verder onderzoek. “In plaats van te zoeken naar één gezamenlijke taal, ontstaat er zo een gesprek waarin verschillende perspectieven naast elkaar kunnen bestaan en tot hun recht komen.”
Daarnaast gebruikt ze muziek als onderzoeksmiddel. Samen muziek maken werkt volgens haar depolariserend. “Je staat niet tegenover elkaar, maar verkent het vraagstuk gezamenlijk. Muziek beweegt, net als onderzoek, altijd ergens naartoe.” In het maakproces onderzoekt ze met betrokkenen zowel de huidige als een gewenste situatie, en hoe die beweging muzikaal vorm kan krijgen. “Heb je bijvoorbeeld andere stemmen of klankkleuren nodig? Of moeten bestaande structuren juist worden losgelaten?”
Door die muzikale ‘gedichten’ van verschillende betrokkenen samen te brengen in één compositie, ontstaat een muzikale dialoog. “Je hoort dan waar het wringt of juist waar dingen samenkomen.”
Wat Jeske leert in de master Kunsteducatie geeft woorden aan wat ze al deed. In haar onderzoek, artistieke praktijk en lessen gebruikt ze steeds dezelfde aanpak: vragen stellen, experimenteren en verschillende perspectieven samenbrengen. “Die manier van werken zie je niet altijd terug in hoe organisaties zijn ingericht. Door te werken met verhalen, materiaal en muziek ontstaat er ruimte om vraagstukken op een andere manier te benaderen.”
Voor Jeske zit daar de waarde van kunsteducatie. “De artistieke benadering levert andere inzichten op dan traditioneel onderzoek. Het brengt naar boven wat normaal onder de oppervlakte blijft en maakt het invoelbaar en bespreekbaar voor mensen. Tegelijkertijd creëer je ruimte voor wat nog niet vastligt. Dat begint vaak klein. Door niet meteen naar oplossingen te gaan, maar eerst te blijven kijken en vragen te stellen. Zoals een kleuter dat doet.”
--
Volg Jeske


